Organisatie en Infrastructuur (O&I)

Vanaf 2019 hanteert Zilveren Kruis een andere bekostigingsstructuur voor de huisartsen, de zogenaamde Organisatie en Infrastructuur (O&I). Eén van de nieuwe betaaltitels binnen O&I is het regiomanagement. Hiermee wil Zilveren Kruis invulling geven aan een adequate en ‘accountable’ ondersteuningsstructuur op wijk- en regionaal niveau. Het is de bedoeling dat er één facilitaire organisatie in de regio ontstaat die plannen voor regionale zorg ontwikkelt en wijkgebonden projecten ondersteunt. Deze regio-organisatie bedient tenminste 100.000 inwoners.
De O&I betaaltitels vervangen de bestaande regeling voor Geïntegreerde Eerstelijnszorg (GEZ) en Organisatie Wijkgerichte Zorginfrastructuur (OWZ). Hoewel de O&I-financiering onder de huisartsenfinanciering is geplaatst, is het wel de bedoeling dat O&I multidisciplinair wordt ingevuld.

Waarom is O&I belangrijk voor apothekers?

Voor apothekers is de verbinding met de huisartsen in de keten essentieel om goede zorg te kunnen leveren; zij moeten een gelijkwaardige positie kunnen innemen. Hierbij geldt dat een betaaltitel voor de inzet rondom multidisciplinaire activiteiten nu nog ontbreekt. O&I kan dit oplossen.

Stand van zaken in onze regio

In mei 2018 zijn de huisartsen, apothekers, fysiotherapeuten en diëtisten vol enthousiasme gestart met een gezamenlijk traject om te komen tot een duurzame samenwerking in de eerste lijn in de regio Gooi en Omstreken. De eerstelijns partijen hebben zich destijds gebogen over de vraag hoe men gezamenlijk tot een efficiënte en doelmatige infrastructuur op wijk- en regioniveau in de eerste lijn zouden kunnen komen.
Uiteindelijk werd de ambitie geformuleerd om met elkaar toe te werken naar een optimale multidisciplinaire samenwerking in de regio en de wijken daarbinnen. Een samenwerking waarin we met elkaar de strategische vraagstukken in de regio aanpakken en in gesprek gaan met onze stakeholders als verzekeraars, tweede lijn en gemeenten. Deze organisatievorm zou er over een drietal jaren moeten staan.

Na deze veelbelovende start kondigde de huisartsenorganisatie GHO-GO onder druk van de eigen achterban, eind 2019 aan om om een monodisciplinaire regio-organisatie te willen gaan inrichten. Ook was al men bezig met het opstellen van een (monodisciplinair) regioplan, geschreven door en voor de huisartsen.

SAGO heeft meermaals bij de GHO-GO aangegeven dat dit niet strookt met de criteria zoals door NZa in haar Prestatie- en tariefsbeschikking huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg 2020, hoofdstuk 2.1.c. O&I Regiomanagement is beschreven en daarom deze regio-organisatie niet te mandateren om op te treden als aanspreekpunt voor en namens de aangesloten zorgaanbieders.
Essentieel is dat apothekers en andere eerstelijns zorgorganisaties mede aan het roer zitten van de regio-organisatie. De GHO-GO was echter van mening dat deze samenwerking op uitvoerend niveau, in de wijken, gestalte moet krijgen.

Daarop volgde een gezamenlijk brief van SAGO en de PVGO (regionale koepel van paramedici) aan het bestuur van de GHO-GO, waarin werd aangestuurd op de inrichting van een gezamenlijke regio-organisatie, zoals dat in eerste instantie ook de bedoeling was.

“De gezamenlijk in te richten regio-organisatie van PVGO, SAGO en GHO-GO initieert, begeleidt, ondersteunt en coördineert multidisciplinaire projecten en activiteiten op regionaal niveau en in de wijk en houdt toezicht op voortgang en doelmatigheid. Partijen staan gezamenlijk aan het roer en dragen op gelijke voet en over de hele kolom gezamenlijke verantwoordelijkheid jegens de financiers en de zorggebruikers/patiënten.”

De gesprekken die hierop volgden met de Zilveren Kruis en de GHO-GO hebben tot op heden (nog) niet geresulteerd in de totstandkoming van een multidisciplinair ingerichte regio-organisatie.

NzA-monitor
In het voorjaar 2020 kwam de Nederlandse Zorg Autoriteit (NZA) met een monitor huisartsenzorg  2020. Deze monitor geeft o.a. een beeld van de contractering van Organisatie en Infrastructuur (O&I). De input hiervoor is mede aangedragen door de KNMP.
De NZa constateert in de monitor dat de ondersteuning op het gebied van O&I zich nu vooral concentreert op de huisartsenzorg. ‘Regio-organisaties stemmen multidisciplinair af maar zijn veelal monodisciplinair rondom de huisartsenzorg ingericht’, aldus de NZa. De zorgautoriteit vindt dit een risicovolle ontwikkeling. Een sterke eerste lijn draait volgens haar om meer dan enkel de huisartspraktijk. ’Meer zorgaanbieders binnen de eerste lijn hebben baat bij een sterke ondersteuning en infrastructuur, in samenhang met de regionale uitdaging.’ De NZa ziet nog te weinig voorbeelden waarbij de regio-organisatie zich breder inzet dan ondersteuning van de huisartsenpraktijk. Ook hoort zij voorbeelden waarbij andere eerstelijnsaanbieders aan willen sluiten of gebruik willen maken van de ondersteuning die de regio-organisatie kan bieden, maar hier geen ingang vinden.

Om juiste zorg op de juiste plek de ruimte te geven is er volgens de NZa behoefte aan bredere multidisciplinaire afstemming en ondersteuning in de regio. Zij waarschuwt voor het optuigen van een versplinterde regionale ondersteuning en infrastructuur. De NZa beveelt daarom aan dat zowel zorgverzekeraars als regio-organisaties hieraan meer inhoudelijk sturing geven in de inkoop van O&I op regio- en wijkniveau (aanbeveling 4 uit de monitor).

RHO-GO
GHO-GO is per 1 juli 2020 verdergegaan als de monodisciplinaire regio-organisatie RHOGO (Regionale Huisartsen Organisatie Gooi & Omstreken). De RHOGO Holding BV valt onder de Huisartsen Coöperatie Gooi & Omstreken (HCGO) waarin 150 huisartsen zijn vertegenwoordigd. De RHOGO kent twee directeuren.

Vanuit de RHOGO zijn de overleggen met SAGO weer opgestart. Ons uitgangspunt blijft dat SAGO een plek moet krijgen in de huidige RHOGO, als opmaat naar een toekomstige multidisciplinaire regio-organisatie. Dit kan betekenen dat de O&I-activiteiten in onze regio onder supervisie komen te staan van een multidisciplinaire werkgroep/commissie. Deze werkgroep/commissie ziet toe op de opstelling van een multidisciplinair regioplan, beoordeelt activiteiten en projecten, bepaalt de financiering ervan en monitort de voortgang. De werkgroep/commissie wordt bij de uitvoering ondersteund door de RHOGO en de betrokken zorgverleners, ongeacht tot welke discipline ze behoren, ontvangen voor hun inspanning dezelfde vergoeding.

Met inachtneming van dit gelijke speelveld-principe is SAGO bereid om samen met de directie van de RHOGO een plan voor de multidisciplinaire samenwerking in het kader van O&I uitwerken.

Zilveren Kruis Inkoopbeleid O&I